Hoofdstuk 1
De moordenaar van Lina Siñani Huanca’s ouders kon zelf geen kinderen krijgen, daarom besloot hij Lina Siñani Huanca te adopteren. Hij hoefde er niet lang over na te denken, het kind stond daar in het halfdonker en keek hem aan alsof het zonder moeite had geraden dat hij de operatie leidde, alsof het wist dat hij besloot wat er nu ging gebeuren. Het kind moest, nog voor hij iets had kunnen zeggen, hebben begrepen dat haar lot zijn lot was geworden. Vanaf nu zouden ze voor altijd met elkaar verbonden zijn, een verbintenis sterker dan welke bloedband ook.
Vlak bij een houten tafel waarop de restanten van een maaltijd nog aanwezig waren stond ze. Vieze borden, bestek, kaarsen, een krant, een pan waarin nog wat eten zat. De aangebrande korsten van een stoofschotel? Rijst met restjes vlees? Hij was uit de slaapkamer gekomen om te kijken wat er aan de hand was, waar het geluid vandaan kwam, wat dat geluid te betekenen had, hoewel dat een overbodige vraag was – wat kon zo’n geluid betekenen? – en daarop had hij haar voor het eerst gevoeld. Hoewel ze enkele meters van hem vandaan stond, had hij het idee dat ze hem aanraakte. Nog voor hij haar had gezien, nog voor het licht van zijn zaklantaarn op haar gezicht was gevallen, meende hij dat ze hem betastte zoals een blinde dat doet.
Hij was zijn carrière begonnen als verkenner. Hij rook de ander voor hij hem zag. En hoewel die alertheid was verdwenen, ze had hem verlaten zoals een geliefde je verlaat, was ze er deze nacht weer. Sterker dan vroeger. Even had hij de zekerheid terug dat het leven niets anders was dan de concentratie waarmee je je omgeving observeerde.
Hij had haar beschenen met zijn zaklantaarn, hij had haar vlechten gezien, niet voor lang, maar lang genoeg om te besluiten dat hij meer licht nodig had. Ze had op dezelfde plek gestaan waar ze nu nog steeds stond.
Hij bleef haar aankijken terwijl zijn ondergeschikten elders zwijgend door het huis liepen en hij de zaklantaarn op de grond richtte om haar niet te verblinden. Een ogenblik had hij zich afgevraagd of ze wist wat er in de slaapkamer met haar ouders was gebeurd, maar toen had hij zich weer geconcentreerd op haar vlechten, de langste vlechten die hij ooit had gezien.
Zijn mannen liepen door het huis op zoek naar bewijsmateriaal, naar alles wat als ‘belastend’ zou kunnen worden omschreven, hoewel dat nauwelijks meer nodig was. Het was een formaliteit, maar juist daaraan hechtte hij. Tussen mens en chaos stond de formaliteit. Zijn mannen drukte hij altijd op het hart dat een huiszoeking geen excuus was voor vandalisme. Het ging er niet om zo veel mogelijk te verwoesten of kostbaarheden achterover te drukken, het ging erom belastend materiaal te vinden. Soms waren zijn mannen in een roes. Geen roes van alcohol of drugs, maar de roes van het leven zelf, het leven zoals het ooit bedoeld was, een vernietigende roes.
Het meisje hield zich met haar linkerhand vast aan een tafelpoot. Ze droeg een gele pyjama. Haar vlechten waren niet alleen lang, maar ook dik. En haar haar was zo zwart dat het bijna blauw leek. Hij probeerde haar leeftijd te schatten, maar het lukte hem niet. Neven of nichten had hij niet, en zijn schaarse kennissen zag hij altijd
zonder hun kinderen. Hoe kon hij de leeftijd van een kind schatten?
Hij kon andere dingen...
Lees verder
|